spacer
spacer search

KLUFTERS.NL
van Klufters - voor Klufters

Search
spacer
Firefox 2
Het Weer
Amsterdam
---
Amsterdam °C De Kooy °C Eelde °C Leeuwarden °C
header
Hoofdmenu
Home
Links
Otter Nieuws
Schrijf ons
Weerribben Nieuws
De Beverrat
de Ringslang
Vogels
Musea
Verblijf & Vertier
Webcams
Historische feiten
Oud Transport
Nieuwslezer
Evenementen
Inloggen
Gebruikersnaam

Wachtwoord

Vergeet mij niet
Wachtwoord vergeten?
Nog geen account?
Maak een account aan
Nieuwbrief
Blijf op de hoogte van de laatste otter feiten en abonneer u hier!

Naam
E-mail
Inschrijven
Uitschrijven
Wereld Tijd
Location
Bezoekers: 972792
 
Home arrow Laatste Nieuws arrow Op zoek naar de zonsondergang in natuurgebied De Weerribben

Op zoek naar de zonsondergang in natuurgebied De Weerribben PDF Print E-mail
Geschreven door Bert van Panhuis   
woensdag, 16 augustus 2006

’Daar! Een rat!’ De hele boot veert op als een van deelnemers aan de vaartocht rechts naar de met riet begroeide walkant wijst. ’Ja!’ beamen anderen zijn aanwijzingen. Anderen knikken instemmend zonder het beest echt te kunnen onderscheiden. Dat zwarte daar, dat zal wel de rat zijn. Of zoals organisator, stuurman en gids Tiemen Vaartjes het nader specificeert: de muskusrat.
Er zitten er veel in het Nationale Park De Weerribben in de kop van Overijssel en de rattenvanger die in het gebied werkt, zit zelden met de armen over elkaar. ,,Het is een van de schoonste beesten die ik ken”, vertelt Vaartjes. ,,Hij eet alleen planten. Toch lusten we hem niet. Nee, we eten liever paling.” Er klinkt gegrinnik. ,,Aaseters”, mompelt een vrouw.

Een dikke dertig belangstellenden hebben zich bij het Natuuractiviteitencentrum van Staatsbosbeheer in Ossenzijl verzameld voor een zonsondergangvaartocht door het Weerribbengebied. Grootouders met kleinkinderen, een stel met een baby in een maxi-cosi en eentje met een kleuter. En nog een aantal stellen. De meesten houden vakantie in de regio. ,,We zitten in Giethoorn. Al jaren”, vertellen twee stellen met een Limburgs tongval.

Een dubbele regenboog tekent zich af tegen de hemel, terwijl de groep wacht tot de klok acht uur gaat wijzen, het tijdstip dat de vaartocht van bijna twee uur gaat beginnen. Want voor het donker echt invalt moet de boot weer in de loods worden aangelegd. Niet omdat Vaartjes de weg terug niet meer kan vinden. Hij loodst en gidst al 28 jaar in het gebied. Is er geboren en getogen en kent onderhand iedere vierkante meter. Nee, bij duisternis is er weinig meer te zien dan de lichtjes in de tenten en de trekkershuisjes of de woningen aan de wal.

Als het mooi weer is vaart Vaartjes – hoe kom je aan zo’n naam met zo’n beroep, heeft een van de deelnemers al uitgeroepen – met een open platbodem uit. Deze donderdagavond moet het wel met een overdekt vaartuig. De temperatuur is teruggelopen tot onder de twintig graden en na de buien die er in de middag al zijn gevallen, kondigen er nog enkele zich met dreigende koppen aan. ,,Daar komt weer een schip met zure appelen”, sombert Vaartjes terwijl hij een blik uit het raam werpt.

Het regent inderdaad zachtjes als de schuifwand van de loods wordt geopend en de boot langzaam het slotenmozaïek opschuift. Voor de toeristen is het niet zo leuk, maar voor Vaartjes kon er na de tropische dagen van juli even niet genoeg regen vallen. Het waterpeil was door de droogte zeker 15 tot 20 centimeter te laag en bij een diepgang van de boot van 45 cm begon de laag modder onder het oppervlaktewater erg dichtbij te komen. En hij heeft weinig trek een spoor van modder achter zich te laten.

Al snel bevindt de boot zich midden tussen het riet. Daarvan is er in de 3500 hectare die De Weerribben groot is heel veel. En Vaartjes weet op zijn beurt ook weer heel veel over dat riet en de rietsnijderij. Met het soort van de Nieuwkoopse Plassen is het riet uit Kalenberg – een onderdeel van de Weerribben – het beste voor het bedekken van daken.

De bossen riet, zo leren we, hebben een standaarddiameter van 46 cm. ,,En voordat ze klaar zijn heeft een rietsnijder ze tien keer in handen gehad.” Het is een eenzaam beroep, vertelt Vaartjes. Sommigen werken zomer en winter in het gebied, dikwijls in hun eentje. Molens staan er bij de vleet. Zo’n tweehonderd, lepelt de gids op. Vroeger dienden de houten molentjes voor het droogmalen van de veenputten. Maar nu zorgt de ontwatering van de landbouwgrond ervoor dat de waterstand in de Weerribben te laag is. De stalen windmolentjes moeten de rietlanden nu weer nat houden.

De rietsnijder heeft talloze vijanden in de natuur van het park. De haagwinde bijvoorbeeld, die voor de buitenstaander zo leuk ogende klimplant met zijn witte bloemen. Vaartjes: ,,Die haagwinde trekt het riet naar beneden, zodat het plat gaat liggen. Als die in het riet zit kun je het net zo goed in brand steken. Doe je dat niet dan wordt het bos.” Van bos gesproken, op talrijke plaatsen in het gebied zie je mooie bomen boven het riet uitsteken. De sporen van verbossing. Een rietsnijder is er niet rouwig om als er een stuk bos afbrandt, stelt de gids vast. ,,Het bos is het onkruid van de Weerribben.”

Terwijl een medewerkster koffie en frisdrank aan de bezoekers slijt, laat Vaartjes zijn kennis over flora en fauna de vrije hand. Er zijn bijvoorbeeld vierhonderd verschillende soorten planten en bloemen in het gebied. De boot vaart voorbij aan in het water wiegende gele bloemen. ,,Dat zijn geen dotters, maar het is de gele plomp.” Hij wijst aan: ,,Daar, leverkruid. En daar, dat is valeriaan.” Met een droge kwinkslag: ,,Daarom is het hier ook zo rustig. Het is stressvrij.”

Waterlelies zijn er bij de duizenden, al moet je ze overdag treffen om ze in volle glorie te zien. Sommige sloten liggen er bijkans vol van. Net als van krabbescheer, een waterplant met getande zwaardvormige bladen. Hij tiert welig in het veengebied. ,,Dankzij de kwaliteit van het water groeit de krabbescheer enorm. Je moet het goed bijhouden anders zit het hier binnen acht jaar helemaal vol.”

Met trots vertelt Vaartjes over de otters. ,,Acht zijn er destijds uitgezet. Vier daarvan zijn er dood. Eén werd ziek, drie zijn er doodgereden, één zelfs helemaal achter Groningen.” Hoe men dat weet: alle otters hebben zendertjes meegekregen. Zelf heeft hij er al die tijd maar twee gezien. Momenteel zijn er met de jongen mee zo’n twintig otters in het gebied.

De huizen van Ossenzijl komen weer in zicht. Het donker begint in te vallen en het licht valt uit de huiskamers naar buiten. Van alle huizen is zo’n 95 procent nu in gebruik als tweede huis. De huizen zijn van gemakken als gas, water en licht voorzien, maar niet van kabel. Die aanleggen was te duur. De vervenershuisjes zijn in trek. Men is, zegt Vaartjes, graag bereid er drie ton voor neer te tellen. ,,Als het maar oud is en als het maar tocht. Waar wij van armoe uit wilden, wil men nu van weelde weer in.”

Nog tot eind augustus
De ’zonsondergangvaartocht’ wordt nog tot eind augustus georganiseerd door Staatsbosbeheer samen met rondvaartbedrijf Tiemen Vaartjes (www.weerribbenrondvaart.nl). De tochten zijn op dinsdag- en donderdagavond en beginnen om halfacht of acht uur. De tocht duurt ongeveer twee uur. Vertrekpunt: Natuuractiviteitencentrum Staatsbosbeheer, Hoogeweg 27, Ossenzijl. Aanmelden bij VVV De Weerribben, tel 0561-478187. Kosten: € 7,50, kinderen € 4.


< Vorige   Volgende >
spacer
De omgeving
eigen034.jpg
Otter weetjes
De Otter 1

De otter (Lutra lutra) is een roofdier dat tot de familie van de marterachtigen (Mustelidae) behoort. De otter kan 70-120 cm lang worden en 7-15 kg wegen. De mannetjes zijn groter en zwaarder dan de vrouwtjes. De vacht van de otter is donkerbruin met lichtbruine tot grijze wangen, keel, borst- en buikzijde. Otters zijn typische oeverdieren en brengen het grootste deel van hun leven bij het water door. De amfibische leefwijze van de otter is herkenbaar in de lichaamsbouw.


  © Copyright 2005 by CModifications
Powered by Mambo
spacer
Laatste update: February 23, 2011, 5:09 pm